De kerstenende kerk van Rome kon de woeste Wodan niet uit het germaanse volksgeheugen uitdelgen. Daarom trok men over zijn harige huid een bisschopsmantel en zette op zijn woeste kop een mijter.

De wilde baard werd tot zijdig gefatsoeneerd en in plaats van een bliksemschicht kreeg hij een kromstaf in de hand gedrukt. In plaats van het woeste zwarte paard kreeg hij een schimmel. Hem werd de naam Sinterklaas verleend en hij werd tot kindervriend uitgeroepen, die nu in de overgang van november-december de daken berijdt met Zwarte Piet als onafscheidelijke metgezel .

Zo werd deze Germaanse oppergod, door het spel mede te spelen, bijgezet in de heiligschrijnen der officiële kerk. De reformatie heeft hij overleefd. Wel heeft men bij herhaling gepoogd hem uit te bannen uit de volksmemorie. Als paapse 'stoutigheid' werd zijn verering ten strengste verboden. Hij heeft dit overleefd.

Ook nu staat de jaarlijkse viering wederom aan aanvallen bloot. Zij richten zich tegen zijn knecht, de gewillige Zwarte Piet, die als symbool van dienstbaarheid moet worden afgeschaft. Om te overleven zal men steeds meer zijn goedlachsheid betonen. Taai is hij, evenals zijn meester, en hij zal ook dit overleven. Wrekende gerechtigheid is nu niet te verkopen. Hij heeft vele eigenschappen.

Onbekende legenden
ziedemaan